Museum Rotterdam krijgt portret Rotterdamse bankier Willem Westerman

10 March 2026, 12:13 uur
Rotterdam & Regio
mainImage
Portret WIllem Westerman, Jan Toorop 1921, Collectie Museum Rotterdam.

Museum Rotterdam heeft een bijzondere schenking ontvangen: een imposant portret van de Rotterdamse bankier Willem Westerman, in 1921 geschilderd door Jan Toorop. Het werk is van grote betekenis voor de collectie en het verhaal van Rotterdam, en heeft daarnaast ook nationale betekenis.

Willem Westerman (1864-1935) was president-directeur van de Rotterdamsche Bankvereeniging (Robaver), destijds gevestigd aan de Boompjes en een belangrijke voorloper van ABN AMRO. Onder zijn leiding groeide de bank snel, maar zijn risicovolle kredietbeleid droeg bij aan de bankencrisis van 1924, waarna de nationale overheid moest ingrijpen. De publieke verontwaardiging was groot, mede omdat de bank in de jaren daarvoor hoge winsten had uitgekeerd. Daarmee staat Westerman symbool voor een periode van economische durf én kwetsbaarheid.

Westermans keuze voor Jan Toorop als kunstenaar voor zijn portret, past binnen de zakelijke en culturele netwerken waarin hij bewoog. Via de Robaver verstrekte hij aanzienlijke kredieten aan Wm. H. Müller & Co., de onderneming van Anton Kröller. In dezelfde periode bouwde diens echtgenote Hélène Kröller-Müller een toonaangevende kunstcollectie op, waarin ook Toorop sterk was vertegenwoordigd. Tegen deze achtergrond is het voorstelbaar dat Westerman zich liet portretteren door een kunstenaar uit dezelfde culturele kring.
 
Jan Toorop (1858–1928) geldt als een van de invloedrijkste Nederlandse kunstenaars van zijn tijd. Geboren in het toenmalige Nederlands-Indië en opgeleid in Nederland, ontwikkelde hij een veelzijdig oeuvre dat symbolisme, pointillisme en realisme omvat. In het portret van Westerman, dat tot zijn latere werk behoort, krijgt zijn expressieve benadering een scherpe psychologische intensiteit. Daarmee toont hij niet alleen de bankier, maar ook het moment: Westerman op het hoogtepunt van zijn macht, drie jaar vóór zijn gedwongen aftreden in 1924.

“Aan de hand van dit portret kunnen we vertellen over de rol van een Rotterdamse bankier in de nationale bankencrisis van 1924,” zegt Liesbeth van der Zeeuw, conservator bij Museum Rotterdam. “Het is niet alleen een krachtig portret van een invloedrijke bankier, maar ook een sleutelobject om te praten over verantwoordelijkheid en macht, en de impact daarvan op de samenleving.”